Meer informatie over periimplantitis

De huidige generatie implantaten van 3i (osseotite) is sinds 1995 op de markt. Het betreft een implantaat dat aan de bovenzijde glad is en aan de onderzijde geruwd . Onderstaand kunt U een E-mail vinden van Dr. J. Defrancq van de Eeuwfeestkliniek in Antwerpen. Hij heeft sinds 1995 rond de 25.000 3i implantaten geplaatst en daarbij nooit periimplantitis gezien.

Dr. Defrancq
Dr. J. Defrancq

 

3i implant-innovations

Peri-implantitis is een infektieuze botaandoening, vergelijkbaar met parodontitis bij natuurlijke gebitselementen, die ontstaat op basis van een onvoldoende mondhygiene.
Meestal treedt het op 5-10 jaar na implanteren. Dr Defrancq weet heel goed hoe periimplantitis er uit ziet omdat hij het kent van IMZ implantaten die hij ook veelvuldig geplaatst heeft.

Ik heb op zijn advies tevens E-mail contact gehad met Prof. D. Tarnow van het New York University College of Dentistry. Deze heeft mij laten weten dat hij dezelfde ervaringen heeft als Dr Defrancq, maar kon me geen toestemming geven om zijn E-mail via deze website te publiceren. Hoewel zijn standpunt hierin absoluut geen geheim is (al jaren verspreidt hij deze boodschap via zijn lezingen), is het hem blijkbaar als afdelingshoofd niet toegestaan een dergelijk standpunt op schrift naar buiten te brengen. Zoiets ligt bedrijfspolitiek uiteraard erg gevoelig. Duidelijk is in ieder geval dat we ons om periimplantitis bij implantaten van 3i niet meer druk hoeven te maken. Als het nog bestaat dan komt het toch zo ongelofelijk weinig voor dat het geen rol van betekenis meer speelt. Ik (B.F.M.L. van de Ven) durf mijn patienten in ieder geval te beloven dat de door mij geplaatste implantaten, nadat ze de ingroeifase goed doorstaan hebben, voor het leven zijn.

Antwerpen, 20 maart 2005

Beste Bart,

In onze praktijk te Antwerpen worden reeds 25 jaar op zeer courante basis duizenden implantaten per jaar geplaatst. Sinds een tiental jaar gebruiken we uitsluitend het 3i implantaat. Dit implant voldoet ons volledig om tweeerlei redenen : er bestaat geen periimplantitis bij dit implantaat en er is uitermate weinig implant verlies. Dit is niet toevallig, immers beide zaken zijn gelinkt aan elkaar via vele jaren fundamenteel research. De studie van het implant oppervlak was de sleutel tot de oplossing. Peri-implantitis bleek immers niet patient gebonden maar implant gebonden. M.a.w. de keuze van het soort implant firma waar de behandelende arts mee werkt, bepaalt of peri-implantitis in een welbepaalde praktijk al of niet voorkomt. In vogelvlucht zijn we in 1982-83 gestart met het transmandibulair staple implantaat, vervolgens het duitse IMZ implantaat, dan het Zweedse Nobel Biocaire implantaat (machine made) en ten slotte het Amerikaanse 3i hybride implantaat met een"surface enhanced" of verbetert oppervlak. Met hybried implant bedoelen we dat de eerste schroef-windingen "machine made" zijn, maar de rest van het implant een bijgewerkt licht onglad oppervlak vertoont. Het IMZ implantaat gaf vele problemen van progressieve peri-implantitis, dat vrijwel onbehandelbaar bleek, eens het zich manifesteerde. Oorzaak bleek het te ruwe implant oppervlak te zijn. Dit implant werd, eens gemaakt, onder vacuum bespoten met titaan partikeltjes of calciumhydroxy appatiet (kunstbeen). Men zegde toen dat het IMZ implant Ti-plasma-sprayed was. Het nadeel bleek slechts zeer geleidelijk en na vele jaren duidelijk te worden. Immers, deze oppervlakte onregelmatigheden waren voor bacterien een niet uit te roeien schuilplaats en met de tijd koloniseerden deze progressief, crypte na crypte, het implant naar de diepte toe.Het proces begon pas echt duidelijk te worden na vijf tot tien jaar. Het kwam bovendien niet bij alle patienten voor. Bij een zorgvuldige mondhygiene en een aangehechte gingiva rond het implantaat komt het euvel niet voor. Maar optimale mondhygiene blijft een moeilijk gegeven voor vele patienten. Sinds we toen overschakelden naar het Nobel Biocare implantaat met machine- made oppervlak viel het ganse hoofdstuk van periimplantitis gewoon weg. Sinds die dag hebben we het fenomeen niet meer gezien. Achteraf beschouwd is dit te verklaren doordat het implant oppervlak niet uitnodigend is voor bacterien. Het oppervlak is immers te glad, en de bacteriele kolonies hebben geen houvast, dus groeien die niet. Zelfs niet bij jarenlange minder optimale mondhygiene. De keerzijde van de medaille was echter dat vele implantaten verloren gingen in zacht been, zoals bijvoorbeeld in de bovenkaak achteraan. Het implant oppervlak was te glad voor bacterien, maar ook te glad voor de noodzakelijke bot ingroei. Dit euvel werd door de Zweedse firma veel te laat onderkend, en steeds kwam de firma met statistieken aan grote universiteiten waar de resultaten uitmuntend waren. Dit was m.i. te verklaren door een zeer doorgedreven screening van patienten, dit vaak ook retrospectief. Vele implantologen dachten dan maar dat het verlies aan hun minder goede handen lag....Het was dan ook pas vele jaren later (2002) dat ook deze firma schoorvoetend toegaf dat er een probleem was en dat ze hun implantaat van een verbeterd (Ti-unite) oppervlak voorzag. Maar veel leed was ondertussen geleden. Het definitief klinisch resultaat moet trouwens nog een jaar of drie op zich laten wachten vooraleer we zeker zijn over de peri-implantitis. Het was dan ook de grote wetenschappelijke verdienste van de firma 3i -implant innovations die begin de jaren 90 dit belang van een idealer implant oppervlak ging onderkennen en dit met doorgedreven research prioritair ging inderzoeken.(o.a. het werk van Prof. John Davies). Er werd dus jaren research gedaan naar een implant oppervlak dat kunstmatig verbeterd werd. Het mocht geen houvast voor bacteriele kolonies bieden, maar moest wel houvast bieden voor de beencellen. Aldus ontstond het osseotite oppervlak met oppervlakte pitting (of ruwheid) van +/- 1-3 mu. De eerste schroefwindingen werden "machine made" gehouden, de rest van het implantaat werd met een substractie techniek ( dus door wegname van materiaal, niet door bij te sprayen bijvoorbeeld) behandeld. Men noemt dit "surface enhenced". Dit implantaat heeft een oppervlakte waar de beencellen zich thuis voelden en zich graag aan vast hechten. Anderzijds is het te weinig ruw of te weinig crypteus om bacteriele groei toe te laten. Bart, dit implantaat (3i-implant met osseotite oppervlak) gebruiken we nu sinds meer dan tien jaar trouw op onze dienst. Het verlies van implantaten is bijzonder laag, en peri-implantitis is in onze praktijk totaal onbekend. Gezien deze ganse peri-implantitis discussie in feite zeer weinig bekend is in de implant wereld en het U terecht bekommert kan U misschien de opinie vragen van Prof. Tarnow (NY University -US). Dit is onomstreden s'werelds grootste onafhankelijke autoriteit op gebied van dentale implantologie. In elk geval wens ik U veel succes met de verdere uitbouw van uw praktijk. U verdient het zonder meer.

Joel